ooit weet je genoeg
dan vertrek je voorgoed
je verwatert uit angst voor de angst
niet te weten vervult je de geur
van zomerdood
nu al
na de zoveelste stilte
de ruis bij aanlandige wind
verwacht als
de dood van een vader en moeder
dan spreken wij elkaar
niet tegen
maar nu nog niet
betover het gewone
dat wondert te buiten
daar geurt het vernieuwen
het schone ten onder - op en
voluit gebloeid zint & herzint zich-
waar god na god verschijnt
in dichtersnaam
denk ik aan jou